Friemelen aan de geslachtsdelen bij jonge kinderen: wat betekent het en hoe ga je ermee om?

Friemelen aan de geslachtsdelen bij jonge kinderen: wat betekent het en hoe ga je ermee om?” is door Marion Middendorp geschreven voor Peuteren.nl.

Veel ouders schrikken wanneer hun peuter of kleuter ineens aan zijn of haar geslachtsdelen zit. Soms gebeurt het tijdens het spelen, soms vlak voor het slapengaan, soms juist op een moment dat het ongemakkelijk voelt, bijvoorbeeld in het openbaar. De eerste reactie is vaak twijfel: moet ik hier iets van zeggen, is dit normaal, moet ik het stoppen, of juist negeren? Friemelen aan de geslachtsdelen roept vragen op, onzekerheid en soms zelfs schaamte. Toch is het belangrijk om te weten dat dit gedrag in de meeste gevallen volkomen normaal is en hoort bij de ontwikkeling van jonge kinderen.

Friemelen aan de geslachtsdelen bij jonge kinderen: wat betekent het en hoe ga je ermee om?

Waarom friemelen jonge kinderen aan hun geslachtsdelen?

Voor jonge kinderen is hun lichaam simpelweg een onderdeel van wie ze zijn. Ze ontdekken hun handen, voeten, buik, oren en uiteindelijk ook hun geslachtsdelen. Niet vanuit seksualiteit zoals wij die kennen, maar vanuit nieuwsgierigheid en lichaamsbewustzijn. Het voelt prettig, het is er altijd, en het reageert soms anders dan andere lichaamsdelen. Dat maakt het interessant.

Daarnaast kan friemelen een manier zijn om spanning te reguleren. Net zoals sommige kinderen aan hun haar draaien, met een knuffel friemelen of op hun lip bijten, kan het aanraken van de geslachtsdelen rust geven. Vooral bij vermoeidheid, overprikkeling, verveling of spanning zie je dit gedrag vaker terug. Het is dus lang niet altijd een bewuste handeling, maar eerder een zelfkalmerend mechanisme.

Verdiepende leestips bij dit onderwerp:
* Kalverliefde: de eerste kriebels in het kleine hart

Is dit seksueel gedrag?

Dit is een belangrijke vraag, omdat hier vaak veel onrust over ontstaat. Bij jonge kinderen is friemelen aan de geslachtsdelen in de regel geen seksueel gedrag. Het is lichaamsgericht gedrag, geen seksuele intentie. Peuters en kleuters hebben nog geen ontwikkeld seksueel besef zoals volwassenen dat kennen. Zij ervaren sensaties zonder daar betekenis aan te koppelen.

Het wordt problematisch gedrag genoemd wanneer een kind extreem gefixeerd raakt, zichzelf pijn doet, of wanneer het gedrag duidelijk wordt ingegeven door expliciete seksuele kennis die niet bij de leeftijd past. In dat geval is het verstandig om verder te kijken en eventueel professioneel advies in te winnen. Maar voor het overgrote deel van de kinderen geldt: het hoort bij de normale ontwikkeling.

Hoe reageer je als ouder op een gezonde manier?

De manier waarop je als ouder reageert, bepaalt voor een groot deel hoe een kind zijn of haar lichaam gaat ervaren. Schaamte, boosheid of paniek kunnen ervoor zorgen dat een kind leert dat zijn lichaam “fout” is. Dat wil je voorkomen. Blijf daarom zo rustig en neutraal mogelijk. Benoem wat je ziet zonder oordeel. Je kunt bijvoorbeeld zeggen: “Ik zie dat je aan je piemel/vagina zit.” Door het simpel te benoemen, haal je de spanning eruit. Vervolgens kun je zachtjes uitleggen dat sommige dingen privé zijn. Niet omdat ze slecht zijn, maar omdat ze bij jezelf horen.

Een voorbeeld: “Dat mag, maar dat doe je liever op je eigen kamer of in bed.” Zo leert een kind het verschil tussen privé en openbaar, zonder dat het idee ontstaat dat aanraken verboden of vies is.

Grenzen stellen zonder schaamte

Grenzen zijn belangrijk, maar de toon maakt het verschil. Vermijd uitspraken als “Doe normaal”, “Dat is vies” of “Dat mag niet”. Zulke reacties kunnen later leiden tot schaamte rondom het eigen lichaam of gevoelens. In plaats daarvan kun je uitleggen waarom iets niet op dat moment of op die plek gewenst is. Bijvoorbeeld: “Hier zitten we samen aan tafel, dit is een plek waar we onze handen boven de tafel houden.” Daarmee geef je duidelijkheid, zonder het gedrag te veroordelen.

Het helpt ook om consequent te zijn. Als je het de ene keer negeert en de andere keer boos wordt, raakt een kind in de war. Rust, herhaling en voorspelbaarheid geven veiligheid.

Wat als het in het openbaar gebeurt?

Dit is vaak het moment waarop ouders zich ongemakkelijk voelen. In de supermarkt, bij opa en oma of op de opvang kan het gedrag ineens extra beladen voelen. Toch geldt ook hier: blijf kalm. Je kunt zachtjes zeggen: “Kom eens even bij mama/papa, dit is iets voor thuis.” Of je leidt het kind af door iets anders te doen of te benoemen. Grote reacties trekken vaak juist meer aandacht en maken het voor iedereen ongemakkelijker.

Het is niet nodig om je te verontschuldigen tegenover anderen. Je kind is niet stout of ongepast bezig. Het is bezig met zichzelf.

Wanneer is het goed om extra alert te zijn?

Hoewel friemelen meestal onschuldig is, zijn er situaties waarin het verstandig is om beter te kijken. Als een kind plotseling extreem veel met de geslachtsdelen bezig is, zichtbaar angstig reageert, seksuele handelingen nadoet die niet bij de leeftijd passen, of lichamelijke klachten heeft zoals pijn of wondjes, dan is het belangrijk om dit serieus te nemen.

Ook als je als ouder een sterk onderbuikgevoel hebt dat er iets niet klopt, mag je dat gevoel volgen. Overleg met de huisarts, consultatiebureau-arts of jeugdprofessional kan dan helpen om duidelijkheid te krijgen. Dat is geen overreactie, maar zorgzaamheid.

Lichaamsbewustzijn en weerbaarheid beginnen vroeg

Door op een gezonde manier om te gaan met dit onderwerp, leg je een basis voor later. Kinderen die leren dat hun lichaam van henzelf is, dat gevoelens oké zijn en dat ze grenzen mogen aangeven, ontwikkelen vaak meer zelfvertrouwen en weerbaarheid.

Je kunt dit ondersteunen door correcte benamingen te gebruiken voor lichaamsdelen, door open te staan voor vragen en door te laten merken dat niets “raar” is om over te praten. Juist die openheid maakt dat kinderen zich veilig voelen om naar je toe te komen als er wel iets niet goed voelt.

Lees ook

Wat zijn naweeën en hoe ga je ermee om?

Bronvermelding

Afbeelding: 123rf.com